Vertigo caeli


De maan joeg langs een rafelige wolk

met om zich heen de wisselende kleur

van olie die op water is gemorst

(dat heette iriseren, leerde ik).

Ik werd geleid door vaders hand

zodat ik duizelig omhoog kon kijken

onder het laat naar huis toe gaan.

Ik wist wel wie het àl bestierde,

de maan, de sterren en de zon,

maar kon het toch niet goed bevatten

dat er voorbij het sterrenheer

andere sterren waren, dat achter

’t zwarte gat er weer iets anders was,

maar wat? Ik zou erin gezogen zijn

als ik niet stevig vastgehouden werd.


Nu, zoveel jaren later,

is het de duizeling die mij geleidt

en naar een leegte voert

die op vervulling lijkt.




J. Eijkelboom, 1 maart 1926 – 27 februari 2008

Uit: De wimpers van de dageraad, 1987