Dat heb ik je toch al honderd keer …
Mijn dochters zaten al een tijdje op de middelbare school toen ik opnieuw besloot onderwijs voor volwassen te gaan volgen. Opnieuw, omdat ik een paar jaar eerder met veel plezier aan het eerste leerjaar begonnen was, waar door onze verhuizing een eind aan gekomen was. Natuurlijk had ik me in onze nieuwe woonplaats meteen aan kunnen melden. Maar ik koos ervoor, eerst te zorgen dat ik het naar mijn zin kreeg en mensen leerde kennen. Ik ging tennissen, naar balletles en zwemmen. Daar heb ik achteraf zeker geen spijt van. Op een gegeven moment voelde ik weer dat ik te kort schoot. Ik kon mijn meiden niet helpen met huiswerk omdat ik de kennis daarvoor miste.
Het grappige is dat toen ik eenmaal naar school ging, ik niet hen, maar zei mij hielpen. Tot aan de dag van vandaag heb ik plezier als ik eraan terugdenk. Ik had moeite met de Franse taal, vooral met het lezen. Daar moet ik bij vermelden dat ik boeken ver boven mijn niveau koos.
Mijn oudste dochter wilde mij wel helpen. Wij zaten samen aan tafel met het boek en een leeg schrift. Iedere bladzijde moest ik hardop lezen. Daarna de vragen in het Nederlands beantwoorden. Als er geen vragen waren, moest ik die bladzijde kort in het Nederlands samenvatten. Ik deed mijn best, dat moet gezegd. Ik probeerde de betekenis van al die Franse woorden te onthouden. Maar steeds bleef ik steken. Dan zei ik met een timide stemmetje terwijl ik het woord aanwees waarvan mij de betekenis niet meer helemaal duidelijk was. ‘Ik weet niet wat daar staat’. In eerste instantie legde mijn dochter het mij nog eens vriendelijk uit. Maar als ik voor de zoveelste keer bij zo’n woord bleef steken, riep ze in radeloosheid uit, ‘Mam …, dat heb ik je toch al honderd keer uitgelegd!’
Op die manier hebben we vier boeken gelezen. De opleiding heb ik met succes afgerond. En …die schriften, die heb ik nog steeds.
Joke van der Ark, 2015